Over reizen naar de Amazone en hoe je je voorbereidt

Jaren geleden kwam ik voor het eerst in de tropen. Of iets wat daarop leek. Tijdens een reis door Nepal  in Azië. Niet de eerste bestemming waar ik aan dacht bij de tropen. Midden-Amerika en Afrika lagen meer in die richting. Wist ik veel. Ik wilde graag olifanten in het wild zien. En hopelijk een neushoorn. Dat eerste lukte, dat tweede niet. In Bardia National Park. Tijdens latere reizen zou ik leren dat de tropen nog wel van een heel andere orde kunnen zijn, maar daar in Nepal voelde ik me echt een soort hiawata. Één met de natuur. Het deed iets met me. Dat wilde, dat intens groene en die prachtige wilde dieren. In de jaren er na maakte ik verschillende reizen naar soortgelijke gebieden. Jungle. Regenwoud. Allemaal nét iets anders, maar voor mij toch allemaal onder de noemer van tropen.

Amazone 1

De mooiste tropen bestemmingen liggen voor mij in Zuid-Amerika. By far. Het échte regenwoud. De Amazone. Het grootste regenwoud op aarde. 5.5 miljoen vierkante kilometer oppervlakte. Verspreid over 9 landen: Brazilië, Peru, Venezuela, Guyana, Frans-Guyana, Suriname, Bolivia, Ecuador en Colombia. Van al het overgebleven regenwoud ter wereld, beslaat de Amazone meer dan de helft. Een immens gebied. Ik besefte me pas hóe immens toen ik er zelf doorheen reisde. Duizenden kilometers aan ondoordringbaar bos. Slechts onderbroken door de gelijknamige, bruine rivier. De kleur van chocola heeft ‘t. Je kunt er primitieve maar ow zo prachtige tochten op maken. Op de Amazone. Mensen leven er zoals ze al decennia lang doen. Met en ín de natuur. Het staat ver af van hoe wij leven en is juist daardoor eindeloos fascinerend. Ooit waren wij ook zo. Afgestemd op de seizoenen. Op voortekenen van droogte. Dieren die waarschuwen voor naderend onheil. Niet dat ik het ook maar een week vol zou houden op die manier. Daar ben ik te veel een kind van de 20ste eeuw voor. Maar prachtig vind ik het wel. Het raakt aan een soort oergevoel.

Amazone uitzicht

De Amazone heeft voor mij verschillende gezichten. Dat in het Noordoosten van Ecuador sprak me het meeste aan. In Yasuni. Een afgelegen gebied waar nog een kleine groep Huaorani leeft. Een authentieke stam. Bijzonder om daar een tijdje onderdeel van te mogen zijn. Van hun manier van leven. Suriname vond ik ook prachtig. Weer heel anders. Landschappelijk meer open. Minder regenwoud gevoel. Een grote, brede rivier met overal kleine dorpjes. Nederzettingen van de originele Marron bevolking. Misschien denk je bij Suriname niet meteen aan een authentieke, primitieve manier van leven, maar in de binnenlanden vind je dat wel degelijk. Een prachtig stuk van de Amazone. En dan natuurlijk Brazilië. Waar 60% van de Amazone ligt. Daar kun je fantastisch mooie boottochten maken, die je dwars door het hart van het regenwoud brengen. Je valt ’s nachts in slaap bij het getjilp van de krekels. Aapjes die ravotten. Glinsterende ogen van krokodillen. Over een hiawata gevoel gesproken.

Amazone tips

Het reizen door de tropen is lang niet altijd comfortabel. Ronduit oncomfortabel soms. Het kan er zinderend heet zijn en de luchtvochtigheid maakt activiteit soms bijna onmogelijk. Ik heb ondertussen geleerd dat het fijn is als je voorbereid bent. Door schade en schande. Een paar kleine tips:

-          Lange kleding. Altijd. In de Amazone is het tóch al heet, dus dat lange shirt en die lange broek maken dan ook niet meer uit. Zeker als je wat gaan wandelen door het regenwoud zou ik je niet aanraden dit met blote benen, blote armen en op flip flops te doen. Je kunt gestoken of gebeten worden door dieren en planten en bent dan 0 beschermd. Als je een boottocht gaat maken, neem dan zeker ook iets mee om je hoofd mee te bedekken. De zon kan echt moorddadig branden.

-          Eigen klamboe. Die heb ik altijd bij me. En goed geïmpregneerd. Inclusief haak om ‘m in een willekeurig plafond of muurtje te schroeven. Los van de muggen ben je zo ook wat meer beschermd tegen andere beesten die je huisje in kunnen komen gekropen. Vogelspinnen, slangen, dat soort werk.

-          Waterfilter. Je kunt niet zonder veel water in de Amazone. Geloof me. En zoet, schoon drinkwater is nou precies waar geen enorme overvloed van is. Ik heb altijd een waterfilter  of zuiveringstabletten bij me. Op die manier kan ik zelfs ongefilterd water zelf veilig drinkbaar maken.

-          Goed uitgeruste EHBO kit. Heel belangrijk. Sowieso als je avontuurlijk reist, maar in het regenwoud helemaal. Betadine, verband, pleisters, klein schaartje en eventueel antibiotica en je eigen injectienaalden zijn altijd goed om bij je te hebben. You never know.

-          Tot slot een goede hoofdzaklamp. Man wat heb ik daar al een plezier van gehad zeg. Soms loopt de dag onverwacht snel ten einde en ben je nog niet bij je accommodatie. Dan is het heel fijn als je een zaklamp hebt die je om je hoofd kunt klemmen. Zo houd je je handen vrij en kun je goed zien waar je loopt.

De Amazone is geen bestemming voor iedereen. Het kan oncomfortabel zijn. Avontuurlijk. Rauw en basic. Maar het zal je altijd bij blijven. De beelden, geuren en verhalen van dat prachtige regenwoud. Ben jij al eens in de tropen geweest? Waar en wat vond je er van?

Alle reacties

Er zijn nog geen reacties geplaatst